
Vraag: Wat hebben een nazipenis en een stierengevecht met elkaar gemeen?
Antwoord: Zes gemaquilleerde relnichten in strakke jeans met op het hoofd ofwel een matrozenhoedje, een Stahlhelm of bolhoed. Één van hen, met de ongelukkige naam “Happy Tom”, laat zich vergezellen door een kloeke Duitse herdershond terwijl hun boegbeeld zich waagt aan een Alice Cooper-make up en daarbij een kruisboog in de aanslag houdt.
Een bende griezelig gestileerde homopunkers die wiens geschiedenis recht staat van decadentie, tragedie, controverse, protest, psychische instellingen en lip gloss. Nog nooit van Turbonegro gehoord?! Komop zeg! Als ik je nu vertel dat ze in één van hun platen de dood van Kurt Cobain voorspeld hebben, kunnen we dan op een spark of interest rekenen? Of wordt het een avondje voor dat knetterend schermpje hangen als een meelzak in volle gisting om gezellig wég te klikken?
Twintig jaar geleden (’88/’89) zag Turbonegro hevig schreiend het levenslicht in het regenachtige Oslo. Thomas “Happy Tom” Seltzer, Rune “Rune Rebellion” Grønn, Pål Erik Carlin, Vegard Heskestad, Carlos Churasco en Pal Bottger Kjaernes kroonden zich gelijk als de peetvaders van een nieuw genre: death punk! Een aangebrande grillade van punk rock, hard rock en death metal.
Na wat groeipijnen en wisselende bezettingen verkende Turbonegro de Europese en Amerikaanse undergound. De band kreeg enkele vierkante centimeters ruimte op concertaffiches verspreid over de twee continenten, maar hun eerste tour in de VS kende een tragisch einde. Gitarist Rune werd klein getimmerd door enkele losgeslagen crackheads, de andere gitarist Vegard kreeg ellende met een stripster (die de dochter van schrijver Jack Kerouac bleek te zijn) en één van hun roadies was betrokken bij een moordzaak. Eens ze terug waren in Oslo barstte de band uit elkaar en er werd geen woord meer over gerept.
Later besloot Happy Tom om samen met Rune en Pål opnieuw het vuur aan de lont te leggen en kort daarna confronteerde hun debuutalbum “Hot Cars and Spent Contraceptives” het behang van de huiskamer met een gemene stoot death punk. In 1993 liet de toenmalige zanger Harald Fossberg zijn agressieve greep rond de microfoon los omwille van gezondheidsredenen. Het rokerige voetlicht zou weldra gestalte geven aan de schaduw van Hans Erik Husby, a.k.a. de legendarische Hank von Helvete, a.k.a. Hanky El Magnifico, a.k.a. Herr Tugen, a.k.a. Hertigen, a.k.a. Hertis. In dezelfde periode, de band droeg toen tijdelijk de naam “Stierkampf”, werd de beruchte Grunge Whore-EP gereleased. Het was een onverbiddelijke sneer aan het adres van Kurt Cobain en zijn kliek. In één van de nummers wordt gewag gemaakt van Cobains zelfmoord. Nog geen jaar later schiet die kees daadwerkelijk een kogel door z’n harses.
Maar het is pas in 1995 dat de in jeans getrokken turbonegers de aandacht trokken van het lamlendige rockpubliek. Het album “Ass Cobra” werd in de cd-rekken geploft en confronteerde Westerse oudercomités met o.a. een mongolistische Adolf Hitler, elektrische serenades aan een stoere zeebonk, kleine jongensvoetjes en de falende natuurlijke selectie. Rond deze tijd werd de bezetting opnieuw door mekaar geschud. Gitarist Euroboy (Knut Schreiner) werd aan boord getrokken en zorgde voor een revolutionair geluid binnen Turbonegro. Twee jaar later werd hun ijzerhete album “Apocalypse Dudes” uit de smeltoven geschept en het nieuwe geluid zorgde voor een schokgolf in de underground. Hun live optredens waren al even besproken: Hank von Helvete liep rond met een brandende kaars in zijn hol, een zwaarlijvige Happy Tom in matrozenpakje en lipstick riffde zijn gitaar aan gort en een lenige Euroboy jengelde zwierig de hoogste noten uit dat elektrisch snaarinstrument. De Europese tour “Darkness Forever” werd een onverdeeld succes, maar betekende schijnbaar ook het einde van Turbonegro. Zanger Hank von Helvete werd tijdens hun stop in Italië afgevoerd naar een psychiatrische kliniek en zowel de tour als de band zelf eindigden in brandhout, net na hun grote doorbraak.
De band kwam in de problemen met platencontracten en liet uiteindelijk niks meer van zich horen. Hank von Helvete had af te rekenen met een hardnekkige heroïneverslaving en een alfabetische woordenlijst aan psychische aandoeningen, waaronder een “religieuze crisis”. Ondertussen hield hij zich onledig met wat radiowerk en een baan als suppoost in een walvismuseum. Happy Tom trad in het huwelijk en bracht het tot business manager, Pål Pot (keyboard, percussie, gitaar) vatte filmstudies aan in New-Zealand en Euroboy schreef samen met Chris Summers (drum) “Europas Juvel”, het themalied voor het Europees kampioenschap voetbal en was in feite een herwerkte versie van het nummer “I Got Erection”. De Noorse voetballiga twijfelde zelfs even om het als officieel anthem door te voeren.
Dat ze met hun korte maar grillige bestaan de muziekwereld verschroeid achter zich lieten werd duidelijk met het tribute album “Alpha Motherfuckers”. Een album waarop bands zoals Queens of the Stone Age, Therapy?, Motorpsycho, Satyricon, Nashville Pussy en Him hun favoriete TRBNGR-nummers coveren. De band werd gedurende vier jaar dan wel als een afgesloten stuk muziekgeschiedenis beschouwd, hun albums “Ass Cobra” en “Apocalypse Dudes” bleven wel voor naschokken zorgen. In die mate dat er zelfs heuse verenigingen onder noemer “Turbojugend” ontstonden, in navolging van een inside joke van de band zelf. Deze Turbonegro-clubs hadden een internationaal karakter en je vond ze in alle grote steden terug. Ze hadden amusante fascistoïde regeltjes binnen de gelederen en hun eigen identiteitskaart (de “Assport”). Allemaal droegen ze hetzelfde kenmerk: de jeansvest en het logo met de leren pet. Ook rezen er tal van huldebandjes uit de grond, zoals het Servische Nazipenis. Het leek erop dat de populariteit van de band na de split onhoudbaar bleef doordenderen.
Honden jankten, katten keken onrustig door de ramen en de vogels hielden zich doodstil: er hingen duizenden volts spanning in de lucht.
2002, de organisators van het Noorse Quart Festival besloten om met de moed der wanhoop even bij de oude glorie aan te kloppen en te vragen of ze het nog eens wilden doen voor een ganse massa. Uitzinnig keerden ze terug met een krakerige krabbel onder het voorstel: Turbonegro zou optreden op hun festival! Wat aanvankelijk als een eenmalige reünie beschouwd werd, was in werkelijkheid het begin van een Nieuw Tijdperk. Hun verschijning op het festival in Kristiansand bleek een ware donderstorm losgemaakt te hebben bij het publiek en de leden beseften dat Turbonegro meer is dan zomaar een band. Het is een onverwoord onderbuikgevoel dat leeft bij de antipop-cultuur.
Man noch macht kon een nieuw album tegenhouden en in 2003 verblufte Turbonegro de wereld met hun “Scandinavian Leather”, na zes jaar van absolute radiostilte. Er volgden nog twee albums: Party Animals in 2005 en Retox in 2007. Turbonegro zit nu steviger in het met jeans en franjes beklede zadel dan ooit tevoren. Of zoals Happy Tom het zelf verwoordt:
Most rock ‘n’ roll bands start as a riot but end up as a parody. We started up as a parody but ended up as a revolution.
De zevenvoudige vermelding in de historische Hanenwürger Top 1942 hebben ze dan ook keihard verdiend.
[kml_flashembed movie="http://www.youtube.com/v/LaKwvKw29jI" width="400" height="329" wmode="transparent" /]
“Sell Your Body (to the Night)” van het album Scandinavian Leather

Als één van de bronnen voor dit bericht heb ik gebruik gemaakt van een artikel in het maandblad Deng van juli-augustus 2003. Daarin pende Aurelio d’Amato een meesterlijk artikel bijeen over Turbonegro. Deng was de opvolger van MaoMagazine, maar is er ook mee moeten kappen. De parallellen met de TRBNGR-geschiedenis zijn voor 2/3 voltrokken. Wanneer volgt deel drie, de allesverwoestende wederopstanding?







6 Comments
Het zouden godverdomme je schoonbroers maar zijn!
In mijn middelbare schoolperiode heb ik een band gehad die “UltraHebrew” heette, maar ons enige optreden moesten we halverwege staken na excessief boegeroep vanuit de zaal, vooral extreem rechts, vanaf het podium gezien. Ze hadden een probleem met onze naam! Aan de andere kant: de linkerzijde had óók problemen met onze naam…
Turbonegro. Je houdt van ze of je bent een verschrikkelijke zeikzak.
De middenweg moet nog geplaveid worden…
Waar is Mick trouwens?
Pål Pot is dat geen familie van Paul Potts?
ik post hier over het algemeen niet, maar wilde toch een onvoorwaardelijk goedkeuren uiten als men turbonegro gaat in toplijstjes opnemen. Een band die ik trouwens door de achterluitenant leerde kennen