
Onder de gezellige regen in Skaftafell dweilen we onze tenten bij elkaar en begeven we ons naar de vertrekplaats van de bus. Die zal even halt houden in Vík, om daarna verder door te rotsen naar Skógar. Van de woeste kust naar de woeste waterval, zeg maar. In Skógar zullen Piet en Reizenaar het in hun roekeloze kop halen om met pak en zak door het onbehouwen landschap naar Thórsmörk te trekken. Geen idee van welk water die twee getankt hebben.
Rond acht uur stampen we de doorregende tent in de bagageruimte van de bus naar Skógar, met tussenstop in Vík. We rijden over de bruggen van Skaftafell, die ooit tot gort gebeukt waren door de vernietigende gletsjerdoorbraak van 1996, het desolate landschap in. Na wat wezenloos door de raampjes te hebben getuurd, vertraagt de bus in een mistig havenstadje: Vík. Het strand is er gitzwart en de zeegolven beuken er brutaal tegen de branding. Het eerste fenomeen dat zich in je gezichtsveld wringt zijn de drie Dantesque trollenbeelden die uit het woelige water rijzen. Bij de aanblik ga je algauw snel vermoeden waarom de bevolking zo’n enorme verhalencultuur heeft. Net zoals in Dimmuborgir zorgt ook hier de natuur voor sinistere inspiratie. In het stadje staat ook een standbeeld dat de eeuwenoude handelstradities tussen Vík en het Britse Hull belichaamt. Op de kust van Hull staat zijn tweelingbroer. De standbeelden ontsprongen in de handen van de IJslandse kunstenares Steinnun Thorarinsdottir en hun gezichten zijn naar elkaar gericht, met een flinke lik zee ertussen weliswaar.
Na wat rondgesloft te hebben in het kuststadje, worden we weer de bus opgezweept. Na een kalme rit komen we in Skógar aan. We zien meteen dat de camping vlakbij de Skógafoss-waterval ligt. Opvallend aan deze gigantische waterval zijn de rechte vormen, alsof een ontwerp-bureau zich ingelaten heeft met de constructie ervan. Ook kan je de waterval tot heel dicht benaderen, maar dan moet je even de waternevel en het dreunende geluid kunnen harden. En dat kàn ik. Winnaar!
Na weken van korrelige instant-maaltijdjes kauwen en Mars-papiertjes schoonlikken, kan er eens een volwaardige maaltijd van af in een restaurantje ergens gezellig boven onze stand. Reizenaar waagt zich aan een visbordje, Piet gunt zich een kabeljauw in citroensaus en ik laat een zalm in witte wijnsaus aanrukken. Na ons op de heerlijke schotels gestort te hebben, rekenen we af, en verlossen we de rest van het clienteel van onze zerpe zweetgeur. Nadien even tot heel dichtbij de Skógafoss gestrompeld. Zeiknat besluit ik andere methodes te bedenken om mijn bril te reinigen.
De volgende ochtend ontwaak ik rond half zeven. Op het gedruis van de Skógafoss na is er niks te horen. Nieuwsgierig werk ik mijn hoofd door de ritssluiting van mijn tent. Voor mij rust een enorme berg met de troostende ochtendzon erover heen. Ik sis Piet wakker en vraag hem even om zijn fototoestel, want dit moet mee naar het vaderland. Binnen een goed uur vertrekken Stefaan en Piet naar Thórsmörk (Þórsmörk). Geladen als kamelen zullen zij zich bovenop steile bergkammen hijsen, behoedzaam over gletsjers wandelen en duizelingwekkende dieptes aan hun voeten dwingen. Het heeft blijkbaar geen zin om dat gestoorde plan uit hun hoofd te praten en er rest me niks anders dan ze uit te zwaaien.
Wat mij te wachten staat, zijn twee dagen van onvergeeflijke luiheid, weerzinwekkende vraatzucht en gezellig leesgenot - om het allemaal wat cultureel te verantwoorden. Beschouw het als twee dagen van radiostilte. De dag na het vertrek van de twee soldaten, krijgt de camping een ware zondvloed over zich heen. Tot mijn grote ontsteltenis merk ik dat er drie centimeter water in mijn voortent staat. Ik beslis om alle haringen uit te trekken de hele zwik naar een hoger gelegen deel te slepen, samen met de achtergebleven tent van Reizenaar met wat bagage in. Ik voel de smalende blikken van geroutineerde kampeerders over mijn ingepakte kop glijden, maar was te druk in de weer met het klapperende zeil om me daar iets van aan te trekken.
Een paar dagen later, als ik toevallig terugkeer van de nabijgelegen snacktent, tref ik Piet en Reizenaar aan bij de tenten. Ik lieg keihard dat ik net een uitputtende verkenningstocht achter de rug heb, maar krijg te horen dat er nog een veeg ketchup aan mijn wang kleeft. Ze vertellen honderduit over hun avontuur en laten me foto’s zien. Reizenaar zal later van tijd hier verslag uitbrengen over deze beultocht. Ik kan je alvast meegeven dat ik onder de indruk was van hun verhalen en het fotomateriaal. Wordt ongetwijfeld vervolgd.
Tags: backpacking, camping, gletsjerdoorbraak, gletsjers, ijsland, jokulhlaup, skogafoss, Skogar, Steinnun Thorarinsdottir, thorsmork, Vik, waterval

Op 23 August 2008 om 5:53 pm:
Het schrijven van dit prachtig logboek heeft al meer tijd gekost dan de werkelijke trip. Maar dan heb je wel wat!
Op 23 August 2008 om 6:53 pm:
Binnenkort gebundeld onder de titel;
IJsland: Eigenlijk Ik zou niet meer moeten leven en waarom ik toch nog het bloed onder jullie nagels vandaan haal.
A. Smeulders, uitg Hw, Utrecht, 2008
Op 23 August 2008 om 7:01 pm:
Het verslag flirt met het Dag 11-syndroom, maar het gevaar is nu wat geweken aangezien het bijna ten einde is.
Waarom zou ik mijn boek in Utrecht uitgeven? Wat heb ik daar in godsnaam, op een oranje Bic-aansteker na, verloren?
Op 24 August 2008 om 1:16 pm:
Je verloor daar ook een paar tanden laatst? Toen je een Utrechter voor Utrechtenaar uitmaakte?
Op 24 August 2008 om 7:03 pm:
Ik vroeg verdomme gewoon de weg in die duistere kanaaltjes daar. Wist ik veel dat het “bent u een Utrecht-ER” moest zijn.
Op 25 August 2008 om 10:13 am:
Leuk die ads voor waterdicht beton ! Sell-outs!
Op 25 August 2008 om 9:21 pm:
Muil toe en klikken, Willy. Als we tegen oktober het geld niet hebben, wordt onze bunker toegemetseld door die betongieter. Met onze geknevelde lijven erin, vanzelfsprekend.
Waterdicht beton, kost een beetje, maar dan heb je ook wat.
Op 27 August 2008 om 4:21 pm:
WillyWillyWilly, we zijn bereid om de ads voor roestvrij staal en waterdicht beton te verwijderen, contacteer aub de redactie en houd uw chequeboek vast gereed. Ben wel benieuwd wie er, na uw donatie, dan technisch gezien een sell-out is maar wellicht is die discussie slechts academisch.