Het was op een zonovergoten augustusmiddag dat ik dan eindelijk met een jute zak over mijn hoofd getrokken een bankgebouw binnenliep om aan iedereen die het maar wilde horen te verkondigen dat er zo snel mogelijk geld in mijn zakken diende te worden gedeponeerd anders zou de tent wel eens akelig opgeblazen kunnen worden. Vreemd genoeg stapelden de problemen zich niet lang na deze brutale openingszin snel op. Zo was ik bijvoorbeeld vergeten enkele gaten in mijn vermomming te knippen. Samen met een acuut zuurstofgebrek liep ik tijdens mijn vlucht naar de uitgang te pletter tegen de glazen winkeldeuren van een detailhandel in wasmachineonderdelen…
Wat later stond ik op de hoek van de straat de jute zak te optimaliseren voor mijn tweede poging. “Deze drie gaten gaan het verschil maken tussen onmetelijk succes of catastrofale mislukking”, zei ik tegen een oud vrouwtje dat ik totaal niet aan het helpen was met het oversteken van een drukke verkeersader. Het besje wende haar hoofd om en vroeg: “Watte?” en werd getorpedeerd door nota bene een ligfietser.
De telefoon (beltoon: Für Elise) ging en ik nam voor de zekerheid op. Iemand anders moest de hulpdiensten maar regelen.
Het was mijn buurman die zich afvroeg waarom er een Simca 1000 tegen zijn tuinhuisje geparkeerd stond. Hij zei dit op een toon waaruit opgetekend kan worden dat Gerard zijn tuinhuisje nog van plan was te gebruiken. “Wacht effe, Gerrie!” fluisterde ik, Ik sta op het punt om pagina drie van de stadscourant te halen”. Ik smeet de mobiele telefoon tegen één van de hoofden van een Siamese tweeling die voorbij schoof. Ik excuseerde me, raapte de telefoon op en begaf me weer richting de bank.
Daar aangekomen greep ik onmiddellijk een zeer aantrekkelijke mevrouw bij de kladden (waarvoor ze me een vuile blik toe wierp) en riep: “Er dient zo snel mogelijk geld in mijn zak gedeponeerd te worden anders blaas ik de boel hier akelig op! Oh Ja, en met dit aardige schepsel erbij!”. Mannen roepen rare dingen als er mooie vrouwen in de buurt zijn. Om mijn dreigement wat kracht bij te zetten liet ik iedereen een ballon met het hoofd van Huub Hangop zien en een plastic Jumbotas vol met verraderlijke kneedbom. Eén personeelslid huiverde en de rest was bezig met op één of andere alarmknop te drukken. Normale mensen gingen uit veiligheid maar op de grond liggen, alsof dat enige bescherming tegen mij en mijn plannen zou kunnen bieden. Op het moment dat ik mijn plastic tas leeg klopte om er geld in te kunnen doen (Ik had er eigenlijk twee mee moeten nemen), ging de telefoon weer. Licht geïrriteerd sprak ik het volgende tot mijn toestel:
“Jallo!!?”
Goedenmiddag Ignatieff, met gemeentesecretaris Gorecki hier, zeg ik heb belangrijk nieuws. De stemming in de gemeenteraad van Maarssen is net afgelopen. Je voorstel om Maarssenbroek om te vormen tot een oefenterrein voor nucleaire ongevallen is met 49 tegen 50 stemmen in je nadeel beslist door de raad. Sorry dat je het van mij moet…*klik
De telefoon verkoos, geëscorteerd met enkele nare vloeken, andermaal het luchtruim waarna het al snel tegen het hoofd van een lid van de Bond tegen het Vloeken tot stilstand kwam. Ironie hing in de lucht. En dan plotseling vanuit het niets, al ware het een vliegtuigmotor die door het dak kwam vallen, viel er een vliegtuigmotor door het dak heen. Wat er daarna gebeurde liet zich niet raden.
968







One Comment
Heb het boek volledig gelezen en ik verbaas me nog steeds over de rol van de ligfietser in de overweldigende ontknopingsscene. Dat ie bovendien suikerziek bleek, was echt een slag in het gezicht van de lezer.
Literair goud.