Het was een bijzonder tragische dag die Sylvester had uitgekozen om zijn appartement te verlaten. Niet alleen waren er die dag nog precies 314159 dagen te gaan voordat planeet aarde grondig klop kreeg van een bovenmaatse asteroïde, maar tevens een vrijdag de dertiende op een 29ste februari, wat in Sylvester’s eigen filosofie zoiets betekende als: onraad. Hoewel hij aan chronische straat-, plein-, smet en antiekvrees lijdde kon hij de neiging om af en toe een bezoek aan de tandarts te brengen niet onderdrukken. De bewuste tandarts zou trouwens over enkele weken multimiljonair zijn geworden mits hij niet enkele dagen voor het winnen van de Duitse Lotto slachtoffer zou worden van een bizar vliegtuigongeluk waarbij een Airbus en een ketel heet frietvet de hoofdrollen speelden.
Sylvester had nog niet zijn voordeur achter zich dichtgetrokken of hij maakte een aanvang met stuurs om zich heen te kijken. Voor het geval dat hij geen verdachte personen dan wel objecten in zijn nabije omgeving kon ontdekken die hem van slag konden brengen. Tot zijn afgrijzen zag hij een straatmuzikant met een accordeon op een oude schommelstoel. Deze schommelstoel zou niet veel later ontdekt worden als de schommelstoel waarop Henri Cartier-Bresson zijn beroemde foto maakte van de man die over een waterplas springt nabij het station van St. Lazare en daardoor terecht een plaats verdiende op een veelbezochte expositie gewijd aan zijn beroemde eigenaar. Een deel van de expositiemateriaal waaronder de stoel zou door een Tsjechische vrachtwagenchauffeur onder invloed van mescaline en een najaarsdepressie op weg naar Berlijn de Elbe inrijden. Sylvester liep met een grote boog om de vrolijk spelende muzikant heen. Hij zou niet veel later het 777ste slachtoffer van de infame en zeer onderschatte Mexicaanse mazelenepidemie worden en uit bittere ellende na een hersenvliesontsteking nooit meer een onfatsoenlijke noot kunnen spelen om maar te zwijgen over fatsoenlijke noten.
Niet veel verder werd Sylvester geconfronteerd met zijn fiets die tegen een lantaarnpaal geparkeerd stond. De fiets was een gift van de slagersdochter die ooit uit woede over een verbroken relatie met een zekere Johnny De Snaaijer haar ongenoegen op Sylvester’s tandem had gebotvierd. Later had ze uit spijt over de gang van zaken haar eigen fiets aan Sylvester gegeven maar die bleef er vanwege zijn vrees voor andermans bacillen wijselijk uit de buurt.
Iets verderop in de straat was een brandweerkorps bezig een brand in een tankstation te blussen. Sylvester besloot een kijkje te nemen, werd weggestuurd door een politieagente op een paard, bekeek het nog eens van een andere zijde, werd weer weggestuurd en besloot dat het kijken naar andermans brand zoiets is als het bezoeken van een koffietafel gehouden ter ere van mensen die je alleen kent van hun rouwadvertentie. Hij zette zijn missie naar de tandarts voort en wel subiet.
Hij kwam een oude bekende tegen. Een dame van 68 waarmee hij een keer een discussie had over het vermeend voorkruipen van de taart bij de banketbakker. De vrouw zou niet lang hierna door een verdwaald afstandsschot van de rechtsbuiten Romano Zonderland van atheïstische voetbalclub TDBNVG ’27 (Trap Die Bal Naar Voren Godverdomme! uit 1927) een niet geringe whiplash oplopen. Ze probeerde Sylvester nog eens aan te spreken op zijn onbehoorlijke gedrag van laatst en het gebruik van de woorden “Du alte sau…Hau ab!”. Sylvester had hier duidelijk geen zin in en rende met zijn vingers in zijn oren en al zingend van lalalalala yoyoyowyadayee in een …euh…andere richting. Onderweg passeerde hij een speelveldje waar net een brute vrije trap genomen werd. De “poef!” die achter hem te horen was ging volledig aan hem voorbij.
Onze held was inmiddels aangekomen bij het gebouw waar de tandarts zijn ongure praktijken uitoefende. Voor de deur stond een meisje met een klembord. Meisjes met klemborden waren voor Sylvester hetzelfde als een rode lap voor een stier, waarbij het meisje het zou moeten afleggen tegen stier Smelko voor alle duidelijkheid. Na een korte, weinig fraaie, schermutseling rond de draaideur koos het meisje ontdaan het hazenpad (Ze zou nog goed terechtkomen, maar pas nadat ze een slepende relatie met een Ierse amateurbankovervaller via de rechter had kunnen beëindigen) en bereikte Sylvester eindelijk zijn bestemming: De tandartspraktijk van Dr. Wang Lee Choi.
En dat speelde zich allemaal af precies vijf maanden voordat Sylvester tijdens een olieworstelwedstrijd met zijn nieuwe Turkse buurman een tonisch-klonische aanval kreeg en waarbij in een deel van de stad twee dagen een noodverordening zou gelden…
De lotgevallen van Sylvester Smelko zullen binnenkort verschijnen in een novelle met de titel: Het kleine misantropische vakantieboek






